Neolamprologus buescheri

Neolamprologus buescheri

Neolamprologus buescheri

Handelsbenaming: Kamakonde-, Gombe- en Kachese-Buescheri.
Lengte: 10 cm - 7 cm
Legsel: 20 eieren
Aquarium: 100 cm - 140 liter
Voeding: Witte, zwarte muggenlaren, mysis, daphnia, artemia, vlokvoer etc.
Verspreiding: Wordt aangetroffen in het zuiderlijke deel van het meer, tussen Moba (Kongo) en Samazi (Tanzania).
Habitat: De N. buescheri wordt bij rotsachtige gebieden gevonden. Op diepten van 15 tot 40 meter.


Ervaring: Sinds 7 maanden ben ik bezitter van Neolamprologus buescheri (Kamakonde). Mijn eerste ervaring met deze soort was niet positief. Zoals in de literatuur ook al te lezen is, is het lastig om een geschikt koppeltje, laat staan meerdere mannetjes, in één aquarium onder te brengen. Het eerste koppeltje zocht na het plaatsen in het aquarium gelijk twee verschillende uithoeken op. Ze zochten elkaar sporadisch op maar na enkele maanden was er nog geen toenadering. In maart heb ik een extra N. buescheri in mijn aquarium geplaatst. Ik leefde in de veronderstelling dat het een vrouwtje was (uit de literatuur had ik gelezen dat een harem mogelijk was). Gelijk na het plaatsen bleek echter dat het een mannetje was. Wat volgde waren wat eerste gevechtjes tussen de nieuweling en het eerder geplaatste mannetje. Een positief gevolg was wel dat het nieuwe mannetje na een week al "introk" in het holencomplex van het vrouwtje, een koppeltje was geboren! Wat beschreven staat in de "Cichliden lexicon" en "Back to Nature" bleek echter helaas waar te zijn. 2 meter was te weinig ruimte tussen de 2 mannetjes en het "oude"mannetje is dusdanig achtervolgd dat ik hem enige tijd later achter de achterwand vond.

Kweek: Het koppeltje verdedigt sinds het begin hun territorium. Het vrouwtje verblijft in de holen, of dicht bij de ingang. Het mannetje zorgt ervoor dat de overige vissen ruim 40 cm van de grot weg blijft. Zelfs de N. leleupi blijven uit de buurt van dit koppeltje. Ze hebben nu een over de gehele breedte een 40 x 30 (hoogte) territorium voor zichzelf.
Soms achtervolgt het mannetje binnendringende vissen tot 1 meter van de grot. De enige vis die soms tegenstand biedt is de ocellatus waarmee hij soms zelfs "bekvecht".
Momenteel hangt het vrouwtje soms bij de anale vin van het mannetje dus hopelijk kan ik dit stuk binnenkort aanvullen met kweekervaringen.