Spathodus marlieri

Spathodus marlieri

Spathodus marlieri

Lengte: 9 cm - 8 cm
Legsel: 15 eieren
Aquarium: 120 cm - 200 liter
Voeding: Aufwuchs oftewel algen en Spirulina. Deze cichlide bevat hetzelfde soort dieet als de Eretmodus en Tropheus.
Verspreiding: Wordt aangetroffen in het noordelijke deel van het meer, in Kongo en in Burundi, ten noorden van het schiereiland Ubwari.
Habitat: De S. marlieri bewoont de rotsachtige gebieden, op diepten van 1 tot 15 meter.


Ervaring: De Spathodus marlieri heeft precies dezelfde eisen als de S. erythrodon. Ook deze soort kan goed gehouden wordt bij Tropheus soorten, vanwege het gedrag en voeding. Je moet ze houden als een koppel in aquaria vanaf 120 centimeter. Het is ook mogelijk om ze te houden en gezelschapsaquaria met ander Tanganyika cichliden. Deze soort is waarschijnlijk de agressiefste grondelcichliden, dus neem het liefste een bewezen koppel en dan maar 1 koppel in een aquarium. Het aquarium moet zand bevatten en men moet ervoor zorgen voor talrijke schuilplaatsen in de vorm van hollen in de vorm van rotsstructuren. Uiteraard kan het aquarium ook planten bevatten.

Kweek: Ook de kweek is vrijwel hetzelfde als de S. erythrodon, alleen broeden de S. merlieri zijn jongen niet samen. Het paartje begint verscheidene dagen alvorens met kuit te schieten. 1 neemt constant de overige vissen waar. Het mannelijke en vrouwelijke pronken naar elkaar door te gaan draaien om elkaar en dit doen ze steeds opnieuw. Voor het kuit schieten gaat het paar zoeken naar een zo plat mogelijke rots. Het maakt niet uit of de rots diagonaal hellend ligt en op welke hoogte. Tijdens het kuit schietende proces omcirkelen de vissen elkaar, waarin zij wederzijds het anale gebied met de mond raken. De eieren die door het wijfje worden geworpen. Elke keer wordt er 1 of aantal eitjes gelost en dit doen ze een aantal keer. Ze worden elke keer onmiddellijk in de mond genomen van het wijfje. De bevruchting wordt in de mond van het wijfje gedaan. Aan het eind van het kuit schieten, zijn er meer dan 25 eieren geworpen. Het wijfje broedt de eieren in haar mond tot de jongen vrijzwemmers zijn, dit is ongeveer 20 dagen. Als ze worden vrijgelaten zijn de jongen ongeveer 10 millimeter lang. Ze zoeken gelijk beschutte plaatsen in het aquarium uit. Hierna staan ze er alleen voor, want de ouders zullen hun jongen niet meer verdedigen. Je kunt het beste de jongen voeren met Artemia-Naupliën en fijngewreven spirulina vlokvoer.