Tanganicodus irsacae

Tanganicodus irsacae

Tanganicodus irsacae

Handelsbenaming: Grondelcichlide.
Lengte: 7 cm - 6 cm
Legsel: 10 eieren
Aquarium: 100 cm - 160 liter
Voeding: De tanganicodus is een echte algenpikker en leeft van de beestjes die hij in de aufwuchs vindt. Daarbij krijgt hij dus ook redelijk wat groenvoer binnen. Hij is er echter minder van afhankelijk dan bijv. een eretmodus, die een echte aufwuchseter is, net als tropheus.
Verspreiding: Wordt aangetroffen in het noordelijke deel van het meer.
Habitat: De T. irsacae bewoont de bovenste 2 tot 3 meter van de rotsachtige gebieden.


Ervaring: Mijn ervaring is dat deze soort niet in een klein aquarium gehouden kan worden. Tropheus staat bekend om akelig gedrag binnen de soort, maar Tanganicodus Irsacae doet er naar mijn ervaringen niet voor onder. Als er gekozen wordt voor een koppel betaat de kans dat het mannetjes het vrouwtje permanent achterna zit. Bij mij werd het vrouwtje heel dun en ze was duidelijk verzwakt. Uiteraard bestaan er ook koppels die het goed met elkaar kunnen vinden.
Ik heb later het koppel aangevuld tot een groepje van 6. Hierdoor werd het gejaag van de alfa man duidelijk meer gespreid over de groep. Nu zijn de vissen allemaal heel mooi donker op kleur en hebben ze de mooie lichtblauwe vlekjes op het lichaam.
Het aquarium dient te worden ingericht met voldoende stenen van verschillende afmetingen. Tevens is het mooi als er een algenlaagje kan groeien waar de vissen tussen kunnen knabbelen en knagen.

Ondanks het felle karakter, een hele leuke vis met mooi broedgedrag.

Kweek: Deze soort is een zogenaamde bi-parentale muilbroeder. Dit houdt in dat zowel het vrouwtje als het mannetjes de broedzorg op zich nemen. Na de hofmakerij wat bestaat uit druk om elkaar heen zwemmen en het stoten van het vrouwtje met haar neus tegen de flank van de man, worden er een 10 tal oranje ovale eitjes gelegd. Deze worden door het vrouwtje in de mond genomen. Daarna worden de eieren bevrucht doordat het vrouwtje wat sperma van het mannetje in de bek neemt. Na een tijdje neemt het mannetje de jongen over van het vrouwtje.
Er zwemmen altijd wel vrouwtjes rond met eitjes in de bek maar jongen overleven het in mijn bak niet omdat er te veel rovers in de bak zitten. Ik heb wel eens jongen in een uitzwembak gehad maar deze hebben dit om onduidelijke redenen niet overleefd. Waarschijnlijk zijn ze ziek geworden van bedorven voedsel wat op de bodem lag. Waterverversing is dus van groot belang.
De jongen zijn vrij ‘sloom’. Dit helpt ook niet mee als er veel predatoren in een bak zwemmen.

Extra informatie: Gedurende de evolutie is de zwemblaas in onbruik geraakt waardoor de vissen niet meer het vermogen hebben om net als andere soorten in het water te ‘hangen’. Dit schijnbare gebrek komt juist van pas in de ondiepe turbulente kustwateren, Tanganicodus irsacae wordt hierdoor namelijk niet door de golfslag alle kanten opgegooid.
Het is zaak dat het aquariumwater goed verzadigd wordt van zuurstof dmv uitstromers of bruissteentjes. Dit wordt door de dieren zeer op prijs gesteld.