Xenotilapia ochrogenys

Xenotilapia ochrogenys

Xenotilapia ochrogenys

Lengte: 11 cm - 10 cm
Legsel: 40 eieren
Aquarium: 140 cm - 350 liter
Voeding: Witte, zwarte muggenlaren, mysis, daphnia, artemia, vlokvoer etc. Niet te vet voer!
Verspreiding: Komt in het hele meer voor, maar ontbreekt in cameron bay.
Habitat: De X. ochrogenys wordt aangetroffen in de ondiepe zanderige zones.


Ervaring: In onze 200 centimeter bak wilde ik graag een hoofdbewoner die niet al te standaard was, leuk gedrag vertoonde, beetje opvallende kleuringen en niet al te slap naar andere bewoners van de bak. Ik had al een poosje in mijn hoofd dat dit een Xenotilapia soort moest worden, maar ik vond het erg moeilijk om een keus te kunnen maken. Er zijn namelijk erg veel mooie Xenotilapia soorten! Uiteindelijk, bij toeval, kon ik particulier aan een groepje van 8 stuks Xenotilapia ochrogenys komen. Gelijk de volgende dag uiteraard op wezen halen, want de bak was al goed opgestart en de eerste bewoners zaten er ook al in.

De vissen zitten nu een kleine 2 maanden in de bak, en ik kan zeggen dat het erg goed gaat. De verhouding waarin ik ze heb zitten, is 5 vrouwen op 3 mannen. De vrouwtjes gaan rustig met elkaar om, maar 1 man domineert wel heel erg de 2 andere mannen. Ik merk eigenlijk pas sinds een week of 2 dat in ieder geval 1 van de 2 andere mannen terug begint te slaan. Dit levert prachtige taferelen op! Hoog opgezette vinnen, prachtige kleuringen, heel hard om elkaar heen zwemmen, elkaar bij de bek pakken. Prachtig om te zien vind ik het. Of het op termijn goed blijft gaan, weet ik om eerlijk te zijn nog niet. Dit zal de tijd uit moeten wijzen. Lijkt er wel op dat ze nu allebei een territoriumpje hebben geclaimd en daar redelijk gesetteld blijven.

Op dit moment zitten de vissen bij de volgende soorten in de bak: Paracyprichromis nigripinnis (10 stuks), Julidochromis ornatus en Neolamprologus multifasciatus. Dit gaat prima samen met elkaar. Ik heb deze soorten eigenlijk bewust gekozen: de Xenotilapia's houden zich vooral op de open zandvlakte op, de Julido's richten zich op de rotsen, de Paracyps zitten wat hoger in de bak en de multies zijn erg op hun schelpenkerkhof gericht. Tot zover zwemmen de soorten allemaal keurig naast elkaar, met heel af en toe een opstootje als de ene soort te dicht bij het broedsel van het andere komt. Logisch eigenlijk toch?

Nog een opmerking over de inrichting: Omdat er in de bak eigenlijk een tweetal soorten zitten die redelijk op de bodem georiënteerd zijn, heb ik hierbij met het inrichten erg veel rekening gehouden. Ik heb links in de bak een erg groot slakkenhuizenkerkhof gemaakt voor de multies, en gelijk rechts daarnaast een flink hoge rotsstapel om als scheiding te dienen tussen de multies en de Xenotilapia's.

Om nog even kort samen te vatten: de X. ochrogenys is een prachtige interessante soort, die goed zijn mannetje staat en prachtige kleuren vertoond. Indien je je waterwaarden onder controle houdt en je visbestand erop afstemt, zeker een aanwinst voor het aquarium!

Kweek: Ondanks dat ik de vissen slechts 2 maanden in bezit heb, heb ik gemerkt dat het niet al te moeilijk is om ze aan de kweek te krijgen. Het gebeurt eigenlijk altijd wel dat er 1 of meerdere vrouwtjes met de bek vol met eitjes of jongen zwemmen. Helaas heb ik nog nooit jongen mogen waarnemen in de bak, omdat ze naar verluidt opgegeten worden door de andere Xenotilapia's in de bak.

De rol van het mannetje is trouwens ook erg leuk om te vermelden. Voordat hij aan de slag gaat met een vrouwtje, maakt hij een kuiltje in het zand, van ongeveer 15 centimeter in doorsnee. Hieromheen bouwt hij een bergjes, van een centimeter of 3 hoor. Dit geeft een erg leuk gezicht in de bak en is weer eens wat anders als de vlakke zandbodems die je normaal ziet. Zodra zijn bouwsels af zijn, gaat hij met felle kleuren en alle vinnen voor een vrouwtje zwemmen en probeert haar naar zijn bouwwerk te dirigeren, waar dus de rest van het paren plaats vindt.